THE CURING THEATRE

Type: Research
Locatie: Veldhoven
Ontwerp: 2010
Renderings: Ronald Swinkels

De zorg is een afspiegeling van de samenleving. Momenteel staan we op het punt van een nieuwe technologische revolutie binnen de sector. Een revolutie die nieuwe zorgconcepten mogelijk maakt. Het onderzochte concept “decentralisering van het ziekenhuis” is er hier een van. Dit heeft zich vertaalt in een “core” ziekenhuis waarbinnen het programma tot 20% van het huidige is uitgekleed. Hierdoor is een flexibel en efficiënt ontwerp ontstaan.

Zorginstelling en met name het huidige ziekenhuis zijn instituten die hun vorm hebben ontleend aan de wensen van de samenleving. Deze instituten hebben hierdoor vanaf hun ontstaan ook diverse architectonische verschijningsvormen gekend. Denk hierbij aan het pallet van Griekse tempels, Romeinse veldhospitalen, middeleeuwse kloosters, publieke ziekenhuizen uit de verlichting, de breitfuss architype uit de jaren 60 tot aan de hedendaagse gespecialiseerde academische ziekenhuizen. De komende decennia staat er wederom een kanteling plaats te vinden door de alsmaar sneller veranderende samenleving. Veranderingen die gedreven zijn door demografische samenstelling, technologische ontwikkeling en privatisering van de sector.

Deze factoren hebben ervoor gezorgd dat de zorgsector sinds 2003 nieuwe verschijningsvormen en zorgconcepten heeft onderzocht. Het afstudeeratelier Unzipped01 houdt zich met één van deze nieuwe modellen bezig: het decentrale zorgmodel.

Dit decentrale zorgmodel probeert het huidige ziekenhuis als groot ´log´en multifunctioneel instituut te ontrafelen. Het doel is een model te genereren waarbij alle electieve (planbare) zorg uit het ziekenhuis word gehaald en in het bestaande stedelijk weefsel wordt opgenomen. Hiermee hoopt men het autonome gedrag van het huidige ziekenhuis in de periferie van de stad een halt toe te roepen. Tevens zijn er mogelijkheden door deze schaalverkleining om de zorg ,waar gewenst, architectonisch meer op de gebruiker af te stemmen en efficiënter in te richten.

Deze ´ontrafeling´van het huidige ziekenhuis genereert echter de vraag naar zijn bestaansrecht. Hoe zal het ziekenhuis in de toekomst functioneren en welke verschijningsvorm kunnen we verwachten binnen dit decentrale zorgmodel?

Om op bovenstaande vragen antwoord te kunnen geven is in het vooronderzoek ingegaan op de historie en toekomstige ontwikkelingen van het ziekenhuis. Opvallend hierbij zijn de politieke opvatting in relatie tot de zorg en technologische noviteiten. Wanneer men naar de politieke agenda van de zorg kijkt ziet men dat de privatisering steeds meer terrein wint. Dit in combinatie met het verkleinen van specialistische vrijheden door de overheid heeft geresulteerd tot in een tendens waarbij electieve zorg uit het ziekenhuis zich verplaatst naar particulieren initiatieven. Uiteraard is dit niet alleen gedreven door de politiek dan wel door technologische ontwikkelingen.

Deze zelfde technologische ontwikkelingen hebben er jaren toe geleidt dat op moment van oplevering een ziekenhuis eigenlijk alweer achterhaald was. Gezien het exponentieel groeigedrag van de technologie zal deze constatering allen maar evidenter worden.

In het onderzoek word een nieuwe zorgketen voorgesteld. Hierin neemt het aantal zorglijnen toe tot 4. De keten laat in het ziekenhuis alleen nog multiproblematiek en acute zorg toe. Om architectonische kracht te bereiken is een extreme opgezocht en zijn alle andere functies elders ondergebracht, resterende het Kernziekenhuis.

Het programma van het kernziekenhuis heden ten dage is hiermee vastgesteld. Zij het niet dat toekomstige (technologische) ontwikkelingen dit programma wel eens volledig zouden kunnen doen veranderen. Zo zou men bijvoorbeeld kunnen denken aan diagnosestelling of behandeling op afstand of, zoals al gebeurt (Da Vinci operatierobot), opereren op afstand. De toekomst is hierin moeilijk te voorspellen. Zekerheid is dat bij acute zorg de patiënt hoogstwaarschijnlijk getransporteerd dient te worden naar het kernziekenhuis voor fysieke ingrepen.

Distributie is dan ook de 1e pijler in het ontwerp. De locatie (huidige Maxima Medisch Centrum te Veldhoven) aan de snelweg en centrumring is dus een geschikte gezien de regionale en landelijke bereikbaarheid. Directe verbinding hiermee is dus van cruciaal belang.

In het ontwerp is het gebouw tevens ingezet om de natuurlijke ecologische structuur te versterken en verduidelijken. Deze 2e ontwerppijler komt voort uit een persoonlijke overtuiging dat de gebouwde omgeving meer in harmonie moet staan met zijn natuurlijke omgeving. Het gebouw brengt een stukje ecologische structuur terug op de locatie waar het tevens aansluit bij de toekomstige groenvisie van de gemeente Veldhoven. In lijn met deze ideologie is getracht het energieverbruik en de CO2 uitstoot van de grootverbruiker te minimaliseren middels ´slim´bouwkundig ontwerpen en een eigen vergistinginstallatie welke biologisch afval uit het kernziekenhuis en de omgeving omzet in energie.

Een 3e pijler is de technologische ontwikkeling. Medische behandelingen en diagnosestelling eisen heden ten dage nog veel gebouwspecifieke eisen. Hier tegenover staan de generieke bouwdelen (denk aan kantoren, kantine, lichte verpleging ed.) door strikte afscheiding hierin is het mogelijk met 2 bouwsystemen te werken waardoor het gebouw zich veel flexibeler kan gedragen. De technologische vleugels bestaan uit een stalen frame waarbinnen geprefabriceerde modulaire zorgunits geplaatst en verplaatst kunnen worden. Hierdoor is uitwisseling, vernieuwing, programmaverandering en toekomstbestendigheid gewaarborgd. De generieke vleugel is er een waarbij vrije indeelbaarheid flexibiliteit waarbord. Deze vleugel zou in theorie zelfs herbestemd kunnen worden tot woonfunctie. vaste technologie als actieve vloeren, dubbele huid façade, zonnepanelen, gebruik van thermiek ed. worden hier ingezet om het gebouw behaaglijk te maken.

Betreft de uitstraling is het kernziekenhuis een vertaling van de hoogtechnologie. Het gedraagt zich als een regionaal tot landelijk opererend instituut waarbij behaaglijkheid van patiënten onderdoet voor effectiviteit. Het is het domein van de artsen waarbinnen de patiënt ´te gast´ is. Deze houding is binnen het decentrale model mogelijk gezien chronische en electieve zorg zich juist als maatpak tot een bepaalde patiëntgroep kan richten.

Interesse in de mogelijkheden voor uw woning? Neem contact met ons op

« terug naar overzicht